Ieder verhaal begint met een ander. Een ontmoeting, een woord, een gebaar, een aanraking. Een ervaring die je stilzet, om taal vraagt. Ieder verhaal is een antwoord – niets begint met mij alleen.  Zo vertelt het oerverhaal van die twee in de tuin het al – u kent het misschien…. Genesis.

Alles is geschapen, het paradijs staat klaar, maar de mens is alleen, hoe mooi zijn tuin ook is. Alleen.

En God zag dat het niet goed was.

En hij  schept nog een mens, hij is tenslotte God. Kijk daar is ze –  – ze komt aanhuppelen over de bergen zingt het lied – kijk daar is hij. Ze worden elkaars hulp en tegenover zegt het verhaal.

Evengoed zou je hulp en verteller kunnen zeggen, want dat is in het Hebreeuws, de oertaal van dit verhaal, hetzelfde woord.

Jouw tegenover is dus een verteller. Zo helpt hij jou ik te worden. In haar woord en jouw antwoord groeit jullie nieuwe verhaal. Horend en luisterend worden wij beiden meer ik. Zo begint de eerste liefde.

En God ziet dat het goed is. –

Laten we de oude verhalen weer opzoeken in het schrale landschap van onze groeieconomie. We redden het niet met de waarheden, de stellingen, de cijfers. We vereenzamen in ons eigen gelijk.

Laten we weer leren luisteren naar de verhalen die ons verbinden met wijsheid en geloof van eeuwen voor ons, leren luisteren naar nieuwe verrassende verhalen van jou en mij – van alle dag.

Laten we vragen en luisteren – Want als ik kijk –  zie ik alleen de beelden van jouw leven. Je ordelijke rijke bestaan, je functie, status en bureau –  de gevel van je huis, je bakfiets, je djelabba, je nikab, je maatpak. Als ik dan over je praat, vertel ik alleen over mijzelf en dat verhaal ken ik al.

Dus: vertel me jouw verhaal en bevraag zo het mijne, want dan – in de ontmoeting van jij en ik, in al die verhalen van jou en de ander,

begint iets van die tuin van nieuw begin opnieuw te bloeien.

Hier, midden in de stad.

Deze column is uitgesproken op video tijdens de BV Amstelveen talkshow van 23 september 2019.